Waar kijkt de fiscus naar bij jouw ondernemerschap?

21/10/2014
door Lex Tabak

De kamerbrief van enkele weken terug is een prima voedingsbodem voor artikelen over de toekomst van de zzp’er in de zorg. Ik ben er namelijk inmiddels van overtuigd dat die toekomst er is, maar dat tezamen met die nieuwe werkelijkheid, er ook scherper gekeken zal worden naar het ondernemerschap. In de brief wordt ingegaan op het struikelblok van de kwaliteitswet. De kwaliteitswet zou het delegeren van zorg naar zzp’ers onmogelijk maken en zou daarmee leiden tot de stellingname dat de zzp’er in onderaannemerschap, gestuurd wordt binnen zijn werkzaamheden. Dat probleem wordt opgelost, maar daarmee is de zzp’er er nog lang niet. We krijgen straks met de introductie van de BGL, een nieuwe realiteit. Niet alleen maakt de VAR aanvraag plaats voor een webmodule met -naar verluid – zo’n 75 (!) vragen over jouw ondernemerschap, ook opdrachtgevers lopen vanaf volgend jaar meer risico. Het belang van goed ondernemerschap van de zzp’er loopt dus aan alle kanten op.

Met de kamerbrief in de hand, is het misschien wijselijk om de criteria door te nemen waar de fiscus nu en straks naar kijkt.
Wanneer ben je ondernemer voor de Inkomstenbelasting, ofwel zzp’er?

Als de mate van duurzaamheid en de omvang van de werkzaamheden, passen bij een onderneming. Eigenlijk betreft dit het tegenovergestelde. Je behoort niet zozeer duurzaam voor één klant te werken, of daar 80% van je werk vandaan te halen. Het cruciale punt wat speelt bij de zzp’er in de zorg, is of de zorginstelling de klant is, of dat de cliënt dat is. Als ik de jurisprudentie op dit vlak nalees, dan merk je toch dat de rechter veelal van mening is dat een zorgorganisatie of bemiddelende instantie, als één klant gezien wordt. Kortom, een redelijk gelijke spreiding van de lengte van opdrachten, en de verhouding tussen opdrachten, is van belang.

Als kapitaal en arbeid, georganiseerd zijn. Dit punt gaat in op praktische punten die gelden bij je ondernemerschap. Verricht je daadwerkelijk arbeid om aan omzet te komen? Heb je een bedrijfs- of werkruimte? Schrijf je facturen uit en komt het voor dat je moet wachten op je geld? Geef je geld uit, dus maak je kosten, om aan je omzet te kunnen komen? Doe je weleens investeringen? Deze onderdelen zeggen iets over de algehele synthese tussen uitgaand en binnenkomend kapitaal en de prestatie die je daarvoor moet leveren.

Als je bruto baten, ofwel je omzet, groot genoeg is. Als je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting, heb je recht op allerhande kortingen en regelingen. Dit scheelt de schatkist geld. Als je dus van mening bent ondernemer te zijn, dien je dit ook te kunnen bewijzen met het feit dat je ook daadwerkelijk omzet gedraaid hebt dat bij een ondernemer hoort. Ligt die omzet te laag, dan zouden deze werkzaamheden als nevenactiviteiten gezien kunnen worden, formeel Resultaat uit Overige Werkzaamheden geheten, en loop je die ondernemersaftrek mis.

Als je verwacht winst te maken. Een onderneming starten en gedurende langere tijd een bak aan kosten maken zonder dat daar omzet tegenover staat, is geen ondernemerschap maar een verkapte aftrekpost. De Belastingdienst ziet graag dat je een redelijke kans maakt om meer geld te verdienen dan geld uit te geven. Winst dus.

Als je ondernemersrisico loopt. Omzet die je wel factureert en waarbij je enige tijd moet wachten op je geld. Een Ming vaas die je omgooit tijdens het werk en waarbij je aansprakelijk gesteld wordt voor de schade. Het inschakelen van een incasso bureau omdat je je geld niet krijgt. Het zijn zaken waar ondernemers van gruwelen, maar waar de fiscus van zegt; die kwetsbaarheid hoort bij ondernemerschap. Wil je zekerheden, ga dan lekker in loondienst. Wil je ondernemen, dan loop je risico en gaan er ook dingen fout. Ingecalculeerd risico lopen is onderdeel van je eigen bedrijf.

Als je je werkzaamheden zelfstandig uitvoert. Daar is ie dan. De achilleshiel van de zzp’er in de zorg. Althans, tot voor kort. Zelf vervanging mogen regelen (zónder overleg met de zorgorganisatie of de bemiddelende instantie) en geen praktische sturing krijgen tijdens je werkzaamheden zijn enkele voorbeelden van hoe we graag zouden willen werken als zzp’ers in de zorg, maar dat in de praktijk niet vaak doen. Dit onderdeel blijft een ongelooflijk ingewikkeld punt voor de zelfstandige en zal dan ook op allerlei manieren verdedigd moeten worden. Denk hierbij ondermeer aan het gebruik van de juiste contracten.

Als je voldoende tijd steekt in je onderneming. Een onderneming is niet iets voor ‘ernaast’. Een onderneming is iets dat aangejaagd moet worden en waar de ondernemer continu mee in verbinding zou moeten staan. Althans, zo wordt er naar de ondernemer gekeken. De verhouding tussen een -eventueel- loondienstverband en jouw onderneming is onderwerp van discussie. Zorg ervoor dat je voldoende tijd in je onderneming steekt én ook overeenkomstig registreert.

Als je jezelf naar buiten kenbaar maakt. Suggesties van een website, een blog, folders bij de huisarts, visitekaartjes in de binnenzak, of een bordje in de tuin leidt vaak tot “is dat nou allemaal wel nodig? Ik heb genoeg werk..” Jazeker is dat nodig want het is simpelweg niet geloofwaardig als je helemaal niets aan reclame maakt of aan netwerken doet, maar je wel over een forse omzet beschikt. In zo’n geval zou je namelijk weleens bovengemiddeld gefaciliteerd kunnen worden door een bemiddelende instantie die je aan werk helpt en houdt. En dat is dan weer onwenselijk.

Als je over voldoende opdrachtgevers beschikt. Ik spreek nog steeds veel mensen die denken dat je bij drie klanten ondernemer bent. Het is slechts een van de tien items die relevant is. Meerdere klanten wil zeggen; ik sta in contact met een breed netwerk aan opdrachtgevers. Stel dat een bureau slechts als 1 klant geldt, dan is het zaak om daar meerdere bureaus van te maken. Of meerdere bureaus en een aantal particuliere klanten. Of meerdere bureaus en een aantal particuliere klanten en een aantal zorgorganisaties en.. Afijn, je snapt me.

Als je je ook daadwerkelijk uit (!) als ondernemer. Jawel, dat kan ook nog. Je gedrag is absoluut medebepalend in het oordeel van de fiscus. Als je op alle vragen die de fiscus stelt dat de opdrachtgever (bemiddelende instantie) daar zorg voor draagt, dan kom je minder sterk over dan dat je stelt dat je ondernemer bent, daarin gelooft en dit ook kan beargumenteren (zie voorgaande 9 items). Kortom, hetgeen wat je zegt is eveneens van belang.

Samengevat is het dus een brede mix aan praktische zaken en beeldvorming, die leiden tot het predikaat ondernemerschap. Vanaf volgend jaar verwacht ik dat voor het eerst beide partijen, dus zowel professionals als opdrachtgevers, belang hebben bij het op orde houden ervan.

Op dit blog schrijf ik over zaken die mij opvallen als zelfstandig ondernemer in de zorg. Ik ben momenteel als adviseur, coach en interim manager actief binnen de sector die ik aanvankelijk als verpleegkundige heb leren kennen. Voor een uitgebreide kennismaking klik hier, voor contact hier.

Lex Tabak

Over

Lex Tabak. MSc. werkt als coach, adviseur, expert en toezichthouder binnen het publieke domein. Op dit blog valt veel terug te lezen over zelfstandige zorgprofessionals. Sinds 2006 zet hij zich in voor de positionering van deze zzp’ers in de zorg. De activiteiten voor deze groep worden inmiddels duurzaam gefaciliteerd door branche organisatie Solopartners. Voor een uitgebreide kennismaking klik hier , voor contact hier.