De bijeenkomst van vorige week maandag bij het CDA, kent nog een vervolg. Aan het einde van de bijeenkomst, zijn Francis Bolle (lobbyist V&VN), Watze Koelmans en Vidroh van de Wetering (beiden zzp-er in de zorg), tezamen met mijzelf door Sabine Uitslag en Pieter Omtzigt (CDA) uitgenodigd om na te praten. In een aparte ruimte hebben we nog een kwartier nagesproken en kwam het kladblok op tafel. De situatie omtrent de zzp-ers in de zorg bleek voldoende reden om de dag erop schriftelijke kamervragen te gaan stellen. Deze zijn als volgt opgesteld en de dag na de bijeenkomst ingediend;
Vragen namens Uitslag en Omtzigt (CDA) aan de minister aan VWS en Minister van Financiën
1. Wanneer iemand naar waarheid een VAR-verklaring heeft ingevuld en verkregen en in de zorg werkt voor erkende instellingen in de AWBZ die zorg in natura verlenen, kan hij/zij er dan vanuit gaan dat hij onder alle omstandigheden als zelfstandige erkend blijft voor de fiscale behandeling, voor de werknemersverzekeringen en voor de aansluiting bij een pensioenfonds?
2. Kunt u aangeven onder welke voorwaarden in de AWBZ, in de WMO en in de ZVW als ZZP’er en zorgverlener zorg verleend kan en mag worden. Bent u bereid deze Kamervragen aan te grijpen om deze voorwaarden duidelijk te maken en helder te communiceren richting zorgverleners, die hun passie graag als zelfstandige uitoefenen? (www.skipr: VWS verliest kort geding over zzp’ers in thuiszorg en antwoorden op Kamervragen 2010Z0029)
3. Kunt u aangeven of er een nieuw convenant komt en wat de inhoud zal zijn van dit nieuw convenant nu het voorgestelde convenant ‘bemiddeling in de thuiszorg bij AWBZ-erkende thuiszorgorganisaties’ (brief 15 maart 2010 Toekomst AWBZ, 30597) van tafel is?
4. Wilt u deze vragen voorafgaand aan het op 13 april 2010 geplande algemeen overleg over de arbeidsmarkt beantwoorden?
De vragen zijn opgesteld in het verlengde van eerder gestelde (en reeds beantwoordde) vragen van 12 maart en hebben betrekking op de status van de zzp-er in het zorglandschap. Alle betrokkenen van de bijeenkomst hebben deze eerder gestelde kamervragen niet onder ogen gehad, totdat Pieter onderzoek deed in deze materie. Deze vragen zijn gesteld door kamerlid Leijten van de SP. Het is een -voor de zzp-ers- zeer relevant document dat een aantal interessante hiaten naar boven brengt. Lees het document maar eens goed door. De volgende punten vielen mij op.
- In de beantwoording van de vragen komt naar voren dat VWS verwacht dat iedere zorgaanbieder (bemiddelaar) die op een of andere wijze ZiN levert, een WTZi toelating heeft. Dat is natuurlijk lang niet zo, aangezien veel bemiddelaars ZiN aannemen en helemaal niet over een WTZi toelating beschikken.
- In de beantwoording van vraag 16,17 en 18 stellen de beantwoorders dat BTN een dubbelrol heeft inzake belangen behartiging. Zowel de zzp-ers, als de bemiddelaars worden door BTN vertegenwoordigd. Dit is een zeer vreemde situatie en veruit het meest frustrerende kenmerk van de situatie van dit moment. De zzp-ers zitten niet aan tafel tijdens het overleg omtrent het convenant. Met ongeveer 90 aangesloten zzp-ers profileert BTN zich als een partij die de zzp-ers vertegenwoordigd. Helaas is dat volgens het grootste deel van de zzp-ers zelf niet het geval.
- In de beantwoording van vraag 24 en 25 heeft het ministerie de zzp-ers op het oog die ‘daadwerkelijk ondernemers zijn’ en die ‘onder meer goed in staat zijn om onderhandelingen te voeren met opdrachtgevers.’ Echter, in hetzelfde document wordt uiteen gezet dat een bemiddelaar noodzakelijk is om tot afspraken te kunnen komen.
Wat mij betreft staat het stuk vol met hiaten. Het bevestigt mijn vermoeden dat er op dit moment niet echt een duidelijke lijn in het beleid omtrent de zzp-er te ontwaren is. Ik vind het om die reden dan ook des te positiever dat ik afgelopen week benaderd ben door een directielid langdurige zorg van de AWBZ (ministerie VWS), om eens te komen praten over de huidige situatie omtrent de zzp-er in de zorg. Morgen bezoek ik Den Haag en praat ik daar over de onvolkomenheden die er naar onze mening nu zijn. Ook vanaf de kant van het convenant is er dus nu een onderzoeksfase aangebroken zo blijkt. Dat, tezamen met de aandacht door de kamerleden van vorige week, doet mij het gevoel geven dat er aandacht is voor onze problematiek. Nu nog hopen dat een en ander te vertalen is in voordeel voor ons allemaal.
Lex



{ 2 trackbacks }
{ 0 comments… add one now }