De coöperatieve vereniging voor zelfstandigen; het concept in drie minuten.
De groep Zelfstandigen Zonder Personeel (ZZP-ers) die in de gezondheidszorg actief zijn, groeit de afgelopen jaren sterk. Steeds meer verpleegkundigen en verzorgenden verlaten het dienstverband en maken de stap naar het ZZP-erschap. Schattingen van de Kamer van Koophandel, Belastingdienst en andere instanties lopen uiteen van enkele duizenden tot vele tien duizenden personen die als ZZP-er actief zijn binnen deze sector.
De stap naar het ondernemerschap wordt met name ingegeven door ontevredenheid over de werksituatie in loondienst. Weinig tijd voor de cliënt, fysieke overbelasting en onderwaardering zijn veel gehoorde klachten. Het ZZP-erschap wordt vaak gezien als een laatste mogelijkheid voordat de persoon definitief uit de sector stroomt. Zelf de werktijden kunnen bepalen, zelf de keuze maken voor wie je werkt en een hogere financiële beloning zijn veelgehoorde argumenten voor een start als ZZP-er. Het ZZP-erschap lonkt ogenschijnlijk aan alle kanten.
De realiteit is echter genuanceerder. Er zal volwassen ondernemerschap getoond moeten worden om de onderneming in goede banen te leiden. De acquisitie van cliënten, het uitwerken van de zorginhoudelijke kant en het zelf regelen van bij- en nascholing zijn voorbeelden van nieuwe aspecten. De competenties van de meeste zorgverleners liggen echter op het zorginhoudelijke en niet op het ondernemersaspect.
De belastingdienst, Kamer van Koophandel en in toenemende mate de Inspectie voor de Volksgezondheid stellen op hun beurt steeds meer eisen aan de kwaliteit van het ondernemerschap en de kwaliteit van zorgverlening. De zorgverlener is immers een ‘instelling’ en die behoort te voldoen aan bepaalde kwaliteitscriteria. Zo moeten zij bijvoorbeeld de beschikking hebben over protocollen, een zorgdossier en een visie hebben ten aanzien van hygiëne. Tot op heden blijven deze onderdelen onderbelicht bij de gemiddelde ZZP-er.
Daarnaast is er het werkgelegenheidsvraagstuk. De marktwerking is nog niet volledig doorontwikkeld binnen de zorgsector en dat heeft forse consequenties. Zorg in natura (AWBZ zorg) is onbereikbaar, afspraken met zorgverzekeraars maken is onmogelijk en zorginstellingen zijn argwanend in het gebruik van ZZP-ers. De kwaliteit van zorg en handelswijze is namelijk dikwijls niet transparant. Daarnaast kan één ZZP-er geen continuïteit bieden aan grote opdrachtgevers. Het gevolg hiervan is dat het leeuwendeel van de ZZP-ers zich ophoudt in de markt van de Persoons Gebonden Budget (PGB) houders. Hierbij wordt zorg verleend aan particulieren die daarvoor een budget toegewezen hebben gekregen van de gemeente en het Centraal Indicatie orgaan Zorg (CIZ). Deze PGB markt is echter beperkt in omvang en de tarieven staan dusdanig onder druk, dat volwassen ondernemerschap en kwaliteitsbevordering nagenoeg onmogelijk is.
Collectiviteit is noodzaak. Door de ZZP-ers op gelijke wijze te verenigen, ontstaat slagkracht richting grote opdrachtgevers ten aanzien van continuïteit. Een aantal samenwerkende ZZP-ers kunnen namelijk meer dan 1. Daarnaast zijn er door de gemene deler gezamenlijke investeringen mogelijk op het gebied van certificering, kwaliteitsbevordering, bij- en nascholing, protocollering en professionalisering. Het eenduidig, meetbaar en transparant werken binnen de eigen onderneming zou bereikt kunnen worden als een overkoepelend orgaan (de cooperatie) de middelen zou aanreiken om op zo’n wijze te werken.
Met behulp van deze kwalificeerbare en kwantificeerbare collectiviteit zijn er ten aanzien van werkgelegenheid markten te forceren die nu nog ontoegankelijk zijn. Immers de grote opdrachtgevers zullen de groep pas gebruiken op het moment dat zij op een wijze werken die voor hen gebruikelijk is; transparant, eenduidig en herkenbaar.
De coöperatie moet een organisatie worden van de ZZP-er, voor de ZZP-er, zodat deze bijzonder gemotiveerde groep met zorgverleners wordt ondersteund en op die manier behouden kan worden voor de sector.
Lex





{ 1 trackback }
{ 2 comments… read them below or add one }
Ha die Lex,
Mooi artikel: eerlijk, recht door zee en bijzonder goed te lezen. Tijdens ons gesprek in je achtertuin/boven een fijne spinazie sandwich sneden we het onderwerp van individuele kwaliteitsbevordering onder ZZP’ers ook aan. (‘op de hoogte blijven’) Je gaf toen aan dat daar een duidelijke uitdaging ligt, ook gezien het feit dat de ZZP’er er wat dat betreft alleen voor staat. Zit dat element (bevordering) ook in het concept verweven? Of blijft dat een verantwoordelijkheid van de individuele zorgverlener?
Hallo Bram. Gezellig dat je er bent. Kwaliteitsbevordering is noodzakelijk en er zal ook een en ander gefaciliteerd moeten gaan worden vanuit het samenwerkingsverband. Ik vermoed dat er een eigen scholingstak zal komen (door ZZP-ers?) en dat er gewerkt zal gaan worden naar ISO (=HKZ) maatstaven. Alleen op deze wijze kunnen de zorgverleners serieus genoeg genomen worden door de grote opdrachtgevers binnen de sector. Het concept van de coop schoolt op twee principes; enerzijds kwaliteit voor de cliënt door het verenigen, organiseren en reguleren van de groep en anderzijds werkgelegenheid voor de ZZP-ers doordat er kwaliteit geleverd wordt. Kwaliteit, de monitoring en het uitwerken ervan zijn dus zeer cruciaal inderdaad.